In dit hoofdstuk is aan de hand van informatie over bestaande natuurvriendelijke oeverprojecten en literatuur een typologie opgesteld. Doel hiervan is de projecten in te delen in clusters van NVO's die elk min of meer vergelijkbaar zijn, zodat in een vervolgproject de data per cluster geanalyseerd kunnen worden. Vervolgens is deze typologie toegepast op NvO-projecten binnen Rijkswateren waarvan informatie bekend is.
De typologie staat los van het watertype of systeemkenmerken. De uiteindelijke clustering van projecten voor analyse wordt op basis van de typologie én op basis van de systeemkenmerken gedaan, mits er voldoende data aanwezig zijn. Wanneer dit niet het geval is, kan worden besloten meerdere watertypen, waterlichamen, of clusters samen te voegen. Tijdens analyse van data omtrent nevengeulen en strangen (van Kouwen et al. 2011) kwam bijvoorbeeld naar voren dat dikwijls onvoldoende gegevens beschikbaar zijn om tijdens analyse ook nog onderscheid te maken tussen (deeltrajecten in) waterlichamen.

Typologie

Om de typologie op te stellen is de scope NvO's als basis gebruikt. Deze scope is een overzicht met oevers die in beheer zijn van Rijkswaterstaat. Movares heeft hiervan een inspectie uitgevoerd (zie Movares 2011). De oevers zijn hierin grofweg ingedeeld in de volgende vijf typen, die ook voor deze typologie gebruikt zullen worden. Een overzicht van de oevertypen is terug te vinden in tabel 2.1. De typen zijn:

  • Vooroevers en luwtedammen zijn constructies die op enige afstand van de oever liggen. Luwtedammen zijn vaak wat langer dan de vooroevers en liggen verder van de oever. Ze zijn samen genomen als één type, omdat het verschil tussen de twee niet altijd duidelijk is. Daarnaast is er maar een gering aantal projecten bekend met luwtedammen. Wel streven beide constructies dezelfde doelstellingen na, namelijk het creëren van een luwe zone. De eigenschappen (lengte en afstand) kunnen meegenomen worden als variabele binnen de analyse.
  • Kribvakafsluitingen. Hier zijn dammen in kribvakken aangelegd, waardoor ze afgeschermd zijn van het hoofdwater.
  • Eilanden en platen. Vaak betreft het hier ook de aanleg van vooroevers of langsdammen, maar is dit gecombineerd met het opspuiten van zandplaten of eilanden. De doelstelling is meestal anders, namelijk het creëren van broedgelegenheid voor kale grondbroeders (Liefveld et al. 2008). Water- en oeverplanten, macrofauna en vis kunnen hier wel op 'meeliften', dus mogelijk bieden deze wel waardevolle informatie.
  • Aanliggende constructies. Dit zijn natuurvriendelijke oevers (vaak met een plasberm), waarbij de verdediging niet voor, maar op de oever ligt.
  • Overige constructies. Dit zijn oevers waarvan binnen Movares (2011) is aangegeven dat deze onderdeel uitmaken van poelen, plassen, of waarbij niets is aangegeven. Deze worden niet verder meegenomen, maar zijn voor de volledigheid toch opgenomen in het overzicht in tabel 2.1.


De eerste drie typen (vooroevers en luwtedammen, kribvakafsluitingen en eilanden en platen) hebben allen een constructie die voor de oever ligt, zie Figuur 2.1 t/m Figuur 2.3. Bij de aanliggende constructie ligt deze op de oever (Figuur 2.4).


Tabel 2.1. Indeling oevertypen voor natuurvriendelijke oevers (naar Movares 2011)

Oevertype

Voor / op de oever

Beschrijving

Vooroevers en Luwtedammen

Voor de oever

Een vooroever is een constructie (verdediging) die op enige afstand van de oever ligt (*Error! Reference source not found.*Figuur 2.1). Een luwtedam heeft dezelfde functie, maar ligt doorgaans wat verder van de oever af (Figuur 2.2Figure 2.2).

Kribvakafsluitingen

 

Constructie (verdediging) die kribvakken afschermt van het hoofdwater (Figuur 2.3Figure 2.3).

Eilanden en platen

 

Constructie (verdediging) gericht op de bescherming van eilanden of in combinatie met de aanleg van eilanden (Figuur 2.5).

Aanliggende constructies

Op de oever

Constructie (verdediging) ligt op de oever (Figuur 2.4).

Overige constructies

 

Plassen, poelen en andere constructies.


Figuur 2.1. Vooroeververdediging in de Oude Maas (waterlichaamcode NL94_4).

Figuur 2.2. Luwtedam bij de Houtribdijk in het Markermeer (waterlichaamcode NL92_MARKERMEER) Bron: Liefveld et al. (2008).

Figuur 2.3. Kribvakafsluiting bij de Steenwaard in de Nederrrijn (waterlichaamcode NL94_4) in het najaar van 2010.

Figuur 2.4. Aanliggende vooroeververdediging van het Zuid-Maartensgat in de Brabantse Biesbosch (waterlichaamcode NL94_10) Bron: Boks (1998)

 

Figuur 2.5. Eilandconstructie bij Scheelhoek in het Haringvliet (waterlichaamcode NL94_11). Bron: Google Earth.

 


Ook andere aspecten, zoals de afstand van de vooroever tot de oever, de lengte van de vooroever, het materiaalgebruik en het aantal openingen in de oeververdediging zijn van belang voor de effectiviteit. Deze eigenschappen worden echter niet meegenomen binnen de typologie, maar als variabele binnen de analyse van een cluster.

Natuurvriendelijke oevers in Rijkswateren

Er is een overzicht met NvO-projecten in de Rijkswateren opgesteld. De typologie uit paragraaf 2.1 is vervolgens op deze oevers toegepast.

Overzicht NvO's

Het overzicht van NvO-projecten binnen Rijkswateren is opgesteld door met een behulp van een aantal bronnen de volgende stappen te doorlopen:

  • Uit de lijst met oude projecten van Van Geest (2010) zijn alle projecten genomen die als maatregeltype (naar Reeze & Ohm 2009) "aanleg vooroevers/langsdammen/eilanden", "vooroever verdediging aanleggen/optimaliseren", "creëren natuurvriendelijk oevers (niet R8)", "aanleg land-water overgangen", "aanleg broedvogelgelegenheid kustbroedvogels", of "ontwikkelen zoetwatergetijdenatuur" hebben. Van het laatste type zijn de projecten die betrekking hebben op kreken verwijderd.
  • Vervolgens zijn oevers uit de verkennende studie vooroevers van De Gelder et al., (2003) en uit de Scope-NvO's (Movares 2011) toegevoegd.
  • Daarnaast zijn oevers waarvan data uit projectmonitoring beschikbaar waren toegevoegd. Deze projecten zijn onder andere macrofauna-data van NvO's (bron: Aquasense via Martin Soesbergen), visgegevens (onder andere de Lange & Vriese 2006) en "Natuur(vriende)lijke oevers Maas" (contactpersoon Frans Kerkum). "Natuur(vriende)lijke oevers Maas" richt zich op de monitoring van de ontwikkeling van een aantal natuurvriendelijke en vrij eroderende oevers in de Maas. De natuurvriendelijke oevers worden onder de maatregel "natuurvriendelijke oevers" geanalyseerd. Vrij eroderende oevers zijn binnen het project "Effectiviteit KRW herstelmaatregelen" als aparte maatregel geselecteerd en komen later aan bod.

Indeling NvO's

In totaal bevatte de lijst 266 oeverprojecten. Van 67 van die projecten waren data beschibaar (zie Tabel 2.2). De indeling die is gemaakt is opgesteld aan de hand van de beschrijvingen in de lijst met oude projecten (Van Geest 2010), de Scope NvO's (Movares 2011) en de verkennende studie naar vooroevers (De Gelder et al. 2003). Hierbij is als volgt te werk gegaan:

  • Wanneer het project in de Scope NvO's als "Vooroever", "vov", of "dam" is omschreven, is deze ingedeeld bij "Vooroevers en luwtedammen"
  • Wanneer genoemd wordt dat het een kribvakafsluiting betreft, wordt deze ingedeeld bij "kribvakafsluitingen". Uitzondering hierop is Scherenwelle: hier staat dit niet in de beschrijving, maar deze is toch als zodanig ingedeeld omdat bekend is dat het om een kribvakafsluiting gaat (Min. V&W, 1993).
  • Wanneer het opspuiten van eilanden of platen wordt genoemd, is het project ingedeeld bij "eilanden en platen".
  • De typeringen "plasberm", "natuurvriendelijke oever" en "inrichtingsoptie (1-3) zijn ingedeeld bij "Aanliggende constructies". Uitzonderingen hierop zijn Grubbenvorst en Kerkdriel: deze zijn ingedeeld als "vooroever" (zie Reitsma et al., 2000). Huys ten Donck (WL noemen) en Leenherenpolder (WL noemen) zijn ook ingedeeld als vooroever, omdat Reeze & Ohm (2009) en De Gelder et al. (2003) aangeven dat dit vooroeverconstructies zijn. Ook van Moordrecht-Oost is bekend dat het om een vooroeverconstructie gaat (Doze et al., 2005).
  • Projecten waarbij als type poelen, plassen, of helemaal niets is aangegeven zijn ingedeeld bij "Overige constructies".

Tabel 2.2. Overzicht van oevertypen, watertypen en waterlichamen waar deze in liggen. Voor een volledig overzicht, zie Appendix A.

 

M14

 

 

 

M20

M21

 

M30

M32

M6b

 

M7b

 

O2

 

 

R7

 

 

 

 

 

 

R8

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Tot.

 

 

Type

NL92_KETELMEER_VOSSEMEER

NL92_RANDMEREN_OOST

NL92_RANDMEREN_ZUID

NL89_volkerak

 

NL92_IJSSELMEER

NL92_MARKERMEER

NL87_1

nl89_grevlemr

NL38_5A

NL90_1

NL86_6

NL93_TWENTHEKANALEN

nl89_westsde

NL94_11

NL94_8

 

NL91BM

NL91BOM

NL91ZM

NL93_7

NL93_8

NL93_IJSSEL

 

NL94_1

NL94_10

NL94_2

NL94_3

NL94_4

NL94_5

NL94_7

 

Onbekend

 

 

 

 

Aantal oevers

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vooroevers / luwtedammen

 

3

 

3

 

 

8

 

 

 

 

 

1

 

1

1

 

 

1

3

2

 

1

 

9

15

 

6

12

1

2

 

 

 

69

 

 

Kribvakafsluitingen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

2

1

1

 

 

3

3

2

8

 

 

 

 

 

20

 

 

Eilanden / platen

3

4

1

11

 

3

1

 

1

 

 

 

 

 

3

 

 

 

 

 

 

 

 

 

2

 

 

 

 

 

 

 

 

 

29

 

 

Aanliggend

 

 

 

 

 

 

 

3

 

16

24

1

18

 

 

 

 

16

 

5

 

 

 

 

 

 

 

1

2

2

4

 

 

 

92

 

 

Overig

1

1

 

1

 

1

2

 

3

2

12

 

 

1

 

1

 

 

 

 

2

 

1

 

2

6

 

3

10

1

1

 

3

 

54

 

 

Totaal

4

8

1

15

 

4

11

3

4

18

36

1

19

1

4

2

 

16

1

8

6

1

3

 

13

24

3

12

32

4

7

 

3

 

264

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Data

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vooroevers / luwtedammen

 

 

 

 

 

 

5

 

 

 

 

 

1

 

 

 

 

 

 

1

 

 

 

 

6

6

 

 

4

 

2

 

 

 

25

 

 

Kribvakafsluitingen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1

 

 

 

 

 

 

 

2

 

 

 

 

 

0

 

 

Eilanden / platen

 

 

 

7

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

3

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1

 

 

 

 

 

 

 

 

 

11

 

 

Aanliggend

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1

2

1

2

 

 

 

 

5

 

1

 

 

 

 

 

 

 

 

 

2

 

 

 

 

14

 

 

Overig

 

 

 

1

 

1

 

 

 

 

1

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1

 

 

2

 

 

1

1

1

 

2

 

11

 

 

Totaal

 

 

 

8

 

1

5

 

 

1

3

1

3

 

3

 

 

5

 

2

1

 

1

 

7

8

 

 

7

3

3

 

2

 

61

 

 

  • No labels