Page tree
Skip to end of metadata
Go to start of metadata

B1. Zandbalans gehele kust en rekenregel suppletievolume

Beleidsadviezen, zoals die volgen uit Kustgenese 2.0, worden voor een belangrijk deel gebaseerd op de rekenregel voor de sedimentbehoefte van het kustfundament. De getallen die gebruikt worden voor het invullen van deze rekenregel komen voor een belangrijk deel uit BenO Kust. Belangrijke geleverde producten hiervoor zijn de Sedimentbalans Wadden (2012, 2019), Sedimentbalans
Voordelta (2017) en de Grootschalige sedimentbalans van Nederland (2015), naast alle onderliggende rapporten uit de afgelopen jaren van BenO Kust. De verwachting is dat er na afronding van Kustgenese 2.0 (op basis van de rekenregel) een voorstel komt voor het suppletievolume voor de komende 15 jaar. BenO Kust zal in de komende jaren de ontwikkeling van de sedimentbalans blijven volgen, zowel voor de deelgebieden als voor heel Nederland. Dit maakt het onder meer mogelijk de gedane aannames te toetsen. De komende jaren zal er relatief meer aandacht zijn voor de Hollandse kust, waarvoor er een toenemend aantal vragen zijn (zoals, zie punt hieronder, de verdieping van de Shoreface/vooroever in zowel Jarkus metingen als in de vaklodingen). Tot nu toe lag er meer focus op Wadden en Voordelta.

In 2020 worden bodemanalyses gedaan ter voorbereiding van paper of rapport dat de update is van de zandbalans t/m 2005 (uit 2015)


B2. Overzicht van grootschalige morfologie van de kust per kustvak

Overzicht van grootschalige morfologie van de kust, per kustvak, in het bijzonder de gebieden die buiten de Jarkusmetingen vallen. Dit is een traject dat enkele jaren zal duren en waarvoor we in 2020 een inventarisatie van mogelijkheden bepalen, inclusief een verkenning hoe dit gepresenteerd kan worden (mogelijk op een wijze vergelijkbaar met de proceskaart, maar in ieder geval te ontsluiten via de kustviewer). Inzicht in aanwezigheid en ontwikkeling van morfologische elementen (niet alleen vanwege fysisch, maar ook vanwege ecologisch belang) draagt belangrijk bij aan het vaststellen van de beste beheerstrategie. Tegelijkertijd zijn veel zaken onbekend over de relatie tussen de grootschalige morfologie (van delen die niet direct door suppleties worden beïnvloed, in het bijzonder het diepere deel van het kustfundament) en kustfuncties. De eerste stap is een verkenning naar de wenselijkheid van onderzoek hiernaar. Als deze aanwezigheid is wordt het vraagstuk samen met Kustgenese opgepakt


B3. Sedimentsortering van de Nederlandse kust.

Studies onder ‘Natuurlijk Veilig’, rondom de zandmotor en binnen Kustgenese 2.0 tonen het belang van de gemiddelde korrelgrootte voor ecologie. Waarschijnlijk is de sortering ook van invloed op de morfologische evolutie.

Hiervoor is nog geen nadere invulling afgesproken voor 2020


B4. Rol stormen voor sedimenttransport

De onderzoeken binnen Kustgenese 2.0 hebben eerste inzichten gegeven, maar er zijn nog grote kennisleemten, in het bijzonder t.a.v. de transporten op dieper water en de uitwisseling met duingebieden. Over een eventuele programmering hiervan zal in 2020 samen met Kustgenese worden besloten.

Hiervoor is nog geen nadere invulling afgesproken voor 2020

  

B5. Transport naar de duinen

Het onderzoek naar de invloed van bebouwing op instuiving naar de duinen is in 2019 afgerond. De komende jaren loopt de samenwerking tussen Rijkswaterstaat en Deltares op onderzoek naar dit onderwerp (en in het bijzonder de effecten van versnelde zeespiegelstijging op de ontwikkeling van het duingebied) via het INTERREGproject ENDURE.


  • No labels